artikel

“Legionella ligt op de loer als je van richtlijnen afwijkt”

sanitair

Het aantal mensen dat jaarlijks in Nederland besmet raakt met Legionella blijft stijgen. Hoeveel mensen precies besmet raken door de leidingwaterinstallatie, weten we niet. Wel is een besmetting veel vaker in koudwater- dan in warmwaterleidingen te vinden. Irene van Veelen legt uit wat er misgaat en waarom. Daarnaast geeft zij aan wat installateurs kunnen doen om Legionella geen kans te geven.

“Legionella ligt op de loer als je van richtlijnen afwijkt”

Tekst: Evi Husson

Legionella Pneumophila, een bacterie die tot uitgroei kan komen in langdurig stilstaand en lauwwarm water, vormt nog steeds een gevaar voor de mens. Per jaar zijn er ongeveer 300 à 400 ziektegevallen, veroorzaakt door de legionellabacterie, waarvan 2-10 procent met dodelijke afloop. De helft van de besmettingen wordt opgelopen in het buitenland, maar eenzelfde hoeveelheid gevallen vindt zijn oorsprong in Nederland.

“Het probleem is dat de precieze bron vaak moeilijk te achterhalen is”, stelt Irene van Veelen. Zij is bij het kennisinstituut Isso de coördinator voor alles dat met water en sanitaire techniek te maken heeft. “Wanneer door koolmonoxide slachtoffers vallen, is vaak vrij eenvoudig vast te stellen wat er mis is met de installatie, en wordt een onderzoek ingesteld om het incident tot op de bodem te onderzoeken. Bij Legionella is dit veel lastiger”,

“Uit het onderzoek Drinkwaterveiligheid en Legionella: Waar en waarom gaat het mis komt naar voren dat besmettingen van installaties zich vaker voordoen in koud- dan in warmtapwaterinstallaties (88 resp. 29%). Dat komt door onvoldoende verversing of te hoge opwarming van het koude water. Of een persoon besmet is door water van een fontein, een zwembad, douches in sportscholen, een hotel of thuis, is echter vaak onduidelijk. Dit zorgt voor een nonchalante houding, waardoor nog te gemakkelijk van richtlijnen wordt afgeweken.”

Irene van Veelen, projectcoördinator bij Isso.

Voorschriften aanleg drinkwaterinstallaties bekend

“Installateurs zijn over het algemeen goed bekend met de NEN 1006, de voorschriften voor de aanleg van drinkwaterinstallaties”, meent Van Veelen. “Het probleem bevindt zich vaak in de bestaande bouwplannen. Leidingen kunnen niet veilig worden aangelegd omdat praktijkrichtlijnen voor het aanbrengen van warme en koude zones bij installaties nauwelijks worden meegenomen in de bouwplannen. Als een gebouw eenmaal bouwkundig is ingedeeld, wordt het soms heel lastig om volgens de richtlijnen te installeren.”

Van Veelen geeft een concreet voorbeeld. “Begin december had ik een installateur aan de lijn die een discussie had met een aannemer. Deze laatste wilde de drinkwaterleiding en de vloerverwarming niet gescheiden houden, ondanks de verplichting in de de wet- en regelgeving om dat wel te doen. De installateur stelde voor om de vloerverwarmingsverdeler in de entree van de woning te plaatsen. De aannemer had ‘dit nog nooit meegemaakt’ en had slechts één technische ruimte voorzien voor beide installaties. Door met beide partijen in gesprek te gaan – de installateur wil tenslotte alleen maar aan de regelgeving voldoen – is tot een gepaste oplossing gekomen. Vaak volstaat ook het geven van een stukje uitleg. Dit is slechts één voorbeeld van een geschil tussen opdrachtgever en installateur, waarbij de installateur ook makkelijk de moed opgeeft als er grote druk wordt uitgeoefend.”

 

Fouten bij aanleg leidingen

Helaas komt het niet altijd tot een goede oplossing. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat ongeveer twintig procent van de ondervraagden afwijkt van de regels indien externe omstandigheden hierom vragen. Legionella wordt vaak niet serieus genoeg genomen of de regelgeving zou te zwaar zijn, waardoor richtlijnen praktisch onuitvoerbaar zijn. Oorzaken zijn onvoldoende kennis, kosten, gemakzucht, andere prioriteiten.

Dit, gecombineerd met onvoldoende controle, zorgt ervoor dat de regels en/of aansprakelijkheid niet worden nageleefd. Er ontstaan daardoor fouten, met een verhoogd risico op besmetting. Denk aan het aanbrengen van verwarmings- en waterleidingen in één schacht; koude en warme leidingen die op elkaar worden gelegd met kruisingen terwijl dit niet is toegestaan; leidingen die worden afgedopt waardoor dode einden ontstaan zonder dat de leiding geheel wordt verwijderd; het ontbreken van terugstroombeveiligingen, …

In gesprek met fabrikant

Een installateur moet meer zijn verantwoordelijkheid nemen, meent Van Veelen. “Als je als installateur vaststelt dat een installatie niet kan worden uitgevoerd zoals wet- en regelgeving deze voorschrijft, moet je stevig in je schoenen blijven staan en deze niet installeren. Beter is om naar alternatieven te zoeken. Ga als installateur bijvoorbeeld in gesprek met de fabrikant, wellicht heeft deze nog een goed alternatief. Koper-zilverionisatie-systemen die effectief zijn in het bestrijden van Legionella zijn echter niet de juiste oplossing. Deze mogen wettelijk alleen worden toegepast op prioritaire locaties waar al problemen zijn opgetreden en niet in situaties om Legionella te voorkomen. Echter, samen met de fabrikant om tafel zitten om helder te krijgen wat in de specifieke situatie het beste is, is geen overbodige luxe. Belangrijk is dat er kennis is over beschikbare systemen en materiaal en nieuwste technologieën.”

Steun van externe partijen

Daarnaast kan een installateur ook beroep doen op externe partijen. “Wanneer installateurs lijnrecht tegenover de aannemer, architect of opdrachtgever staat qua installatie kunnen zij contact opnemen met ons of Uneto-VNI voor advies, maar ook drinkwaterbedrijven kunnen hen bijstaan. De hoogste prioriteit van drinkwaterbedrijven is het leveren van veilig drinkwater aan gebruikers. Zij hebben daarom de mogelijkheid om stappen te ondernemen en eventueel iets af te keuren, wanneer de veiligheid van de gebruiker onzeker is.”

In het slechtste geval, indien geen andere uitweg mogelijk is, moet de installateur bij de installatie heel duidelijk schriftelijk bij de opdrachtgever aangeven dat hij het oneens is met de werkwijze van de door hem uitgevoerde installatie omdat niet aan de voorschriften wordt voldaan. “Of dit juridisch voldoende is, mochten er zich problemen voordoen en de installatie wordt als oorzaak van besmetting aangewezen, is nog maar de vraag. Het is sowieso erg jammer wanneer dit als optie wordt gekozen. Het Bouwbesluit geldt tenslotte niet alleen voor installateurs maar voor iedereen. Ik mis nog te vaak de gezamenlijke verantwoordelijkheid.”

 

Profileren als professional

Naast het aanleggen van een correcte installatie kan de installateur zich vaak nog beter profileren bij de klant, meent van Veelen. “Niet alleen een goede installatie, maar ook een goed gebruik en onderhoud van de installatie is belangrijk om Legionella geen kans te geven. De installateur zou de gebruiker een aantal tips en adviezen kunnen geven zoals het wekelijks gebruik van watervoorzieningen en het opstellen van een beheersplan bij laag gebruik. Door zich te profileren als specialist, dwingt hij automatisch af dat er naar hem wordt geluisterd, waardoor de kans op besmetting minimaal is.”

 

Kennis vergaren en borgen

Tot slot is het belangrijk kennis te vergaren en te borgen. “Er komen steeds meer nieuwe oplossingen op de markt, denk aan systemen of pilots met lagere spoelfrequenties en lagere tapwatertemperaturen in collectieve leidingwaterinstallaties. De druk om de temperatuur te verlagen in het kader van energiebesparing wordt steeds groter, maar of dit veilig is weten we niet.”

Om installateurs van voldoende informatie te voorzien is er bij ISSO een aantal ideeën en plannen in ontwikkeling. “Zo spelen we met het idee om een forum en database met foutmeldingen op te zetten waarin installateurs informatie met elkaar kunnen delen. Ook een digitale checklist voor hotspots staat op ons wensenlijstje. In plaats van in tabellen en documenten op te zoeken aan welke randvoorwaarden de installatie moet voldoen, zou een automatische rekentool, waarin je de parameters zelf kunt invullen, veel gebruiksvriendelijker zijn. Deze twee ideeën zullen we de komende tijd nog verder uitwerken.”

 

Examen en bijscholingsverplichting BRL6010

Concreter in beton gegoten is de bijscholing van adviseurs. “Voor de prioritaire instellingen moet een risicoanalyse en beheersplan worden gemaakt door een gecertificeerd adviseur volgens de BRL 6010. Om de kwaliteit van gecertificeerde adviseurs te verhogen, wordt dit jaar de BRL 6010 Legionellapreventie aangescherpt. De voorstudie is inmiddels voltooid, waardoor de feitelijke herziening dit jaar kan worden afgerond. Het gaat hier onder meer om de toevoeging van een bijscholings- en exameneis. Er komt met andere woorden een landelijk examen dat adviseurs dienen af te leggen om aan te tonen dat ze over voldoende kennis beschikken.”

“Om de kennis up-to-date te houden, zal daarnaast door KvINL een bijscholingsverplichting in werking worden gesteld door middel van een (vijf)puntensysteem. Ieder jaar verliest een adviseur een punt wanneer hij of zij niets doet om zijn kennis aantoonbaar up-to-date te houden. Volgt hij cursussen of een bijscholing van een fabrikant, dan behoudt hij zijn punten, doet hij dit niet, dan verliest hij per jaar een punt waardoor hij na vijf jaar opnieuw een examen zal moeten doen. Op die manier hopen we dat er meer transparantie komt en het kennisniveau van adviseurs wordt verhoogd. En aangezien ook aardig wat installatiebedrijven gecertificeerd zijn voor de BRL 6010, biedt dit een hogere garantie dat zij hun eigen klanten van goed advies zullen blijven voorzien.”

 

Lees ook:

Wat is Legionella Pneumophila

Legionella eist meer slachtoffers dan koolmonoxide

Installateur, neem de regie bij legionella

 

Reageer op dit artikel