artikel

“Luchtwarmtepompen betaalbaar en goed alternatief”

klimaattechniek

Als bouwer kijkt Dick van Ginkel, innovatiemanager bij Van Wijnen, met een pragmatische blik naar de energietransitie. Hij benadrukt dat aardgasloos bouwen een middel is en geen doel op zichzelf. En laten we ook de bewoners niet vergeten.

“Luchtwarmtepompen betaalbaar en goed alternatief”

Tekst: Joop van Vlerken

 

“De financiële stromen, hoe gaan die lopen? Wat gebeurt er en wat kost het? Wat verduurzaam je en op welke manier?” Het Klimaatakkoord roept bij Dick van Ginkel, innovatiemanager bij bouwbedrijf Van Wijnen, veel vragen op. “Ik vraag me af wat de concrete uitwerking wordt van het akkoord. Er wordt veel ingezet op warmtenetten, maar daar loopt men nu al tegen problemen aan omdat gemeenten er nog niet klaar voor zijn. Daarnaast zijn er veel technieken voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving die niet zonder overheidssteun kunnen. Dat gat moet nog gedicht worden.”

Idealisme en pragmatisme

Van Ginkel begon zijn carrière in de bouw ruim 20 jaar geleden als werkvoorbereider. Sinds vier jaar is hij als innovatiemanager op zoek naar concepten voor de toekomstbestendige bouw. “Ik kijk bijvoorbeeld naar nieuwe installatie- en ventilatieconcepten. Daarnaast probeer ik de keten te verkorten van materiaal tot aan proces.” Zijn motivatie voor duurzaamheid wordt ingegeven door idealisme én pragmatisme.

Ik heb een gasketel en die gaat er pas uit als hij afgeschreven is

Als gasketel is afgeschreven

“We zitten in een gesloten ecosysteem en als we doorgaan zoals we nu doen, komt het niet goed. Ik heb kinderen en ik zou de aarde graag op een goede manier doorgeven aan hen.” De overstap naar een aardgasvrije woning heeft hij nog niet gemaakt. “Ik heb een gasketel en die gaat er pas uit als hij afgeschreven is. Ons huis is wel voorbereid op een warmtepomp met laagtemperatuurverwarming. In Nederland gaat het nu door het Klimaatakkoord en Groningen alleen maar over van het gas af gaan, terwijl het eigenlijk gaat om een daling van de CO2-uitstoot. Uiteindelijk moet er een alternatief voor gas komen, maar op dit moment is de CO2-uitstoot van een kubieke meter gas lager dan van het equivalent aan elektriciteit. Aardgasvrij is het middel, niet het doel.”

Haalbaarheid NOM-renovatie

“Bouwend Nederland heeft geprobeerd realisme in het Klimaatakkoord te krijgen. Bijvoorbeeld door per bouwperiode te kijken wat je met de betreffende woningen doet. Door deze integrale blik kun je zorgen dat de renovaties behapbaar worden.” Verder mist hij in het Klimaatakkoord nog de sociale kant van de energietransitie. “Het is ook een sociaal verhaal. Als je de wijken toch aan moet pakken, kun je ook meteen de sociale cohesie meenemen en zorgen dat wijken leefbaarder worden. Daarnaast speelt ook het demografische vraagstuk een rol. Er zijn bijvoorbeeld heel veel eengezinswoningen en relatief weinig woningen die geschikt zijn voor eenpersoonshuishoudens. Je moet dus slimmer kijken op wijkniveau wat nodig is. Niet elke woning heeft baat bij een NOM-renovatie. Die zijn zo kostbaar dat de woning weer voor veertig jaar geëxploiteerd moet kunnen worden. De vraag is of elke woning dat waard is.”

Luchtwarmtepompen versus bodemwarmtepompen

Bij Van Wijnen worden bijna alle grootschalige renovaties uitgevoerd met luchtwarmtepompen. “Ze zijn altijd inpasbaar en seriematig goed op te schalen. Bodemwarmtepompen doen we op dit moment bijna niet vanwege de krapte op de markt voor boorbedrijven. Bovendien zijn luchtwarmtepompen financieel voor ons toch wat aantrekkelijker. Wij zien het als een betaalbaar en goed alternatief.” Hij bevestigt dat alleen warmtepompen niet voldoende zijn om woningen te verduurzamen. “Naast de installatietechniek moet je natuurlijk ook investeren in ventilatie, beglazing en isolatie.”

Bodemwarmtepompen doen we bijna niet vanwege de krapte op de markt voor boorbedrijven

Waterstof en zonnewarmte

Hoewel Van Ginkel zeker geen technieken wil uitsluiten is hij kritisch over de toepassing van waterstof in de gebouwde omgeving. “Waterstof is nu een hype. Maar vergeet niet dat het slechts een derde van de energie-inhoud van aardgas heeft en we er dus veel meer van nodig hebben. Het kan wel een rol gaan spelen in de energietransitie, maar in eerste instantie is dat vooral op industrieel niveau of bij seizoensopslag. In woningen wordt het op zijn vroegst pas na 2035 een reële optie. Bovendien is de waterstofketel is nog lang niet klaar voor markt. Er is zeker toekomst voor, maar laten we eerst kijken naar wat we met warmtepompen kunnen doen.” Een oplossing waar volgens Van Ginkel te weinig aandacht naar uit gaat is zonthermie. “Met name voor warm tapwater kan het een goede oplossing zijn. Het is veel efficiënter om direct warm water te maken uit zonne-energie dan uit elektrische energie.”

Hoe werkt vloerverwarming

Hoe bewoners omgaan met nieuwe techniek is volgens Van Ginkel nog onderbelicht. “Een voorbeeld zijn radiatoren. Nu wordt er veel met vloerverwarming gewerkt, maar bewoners ervaren dat het langer duurt voordat het warm wordt. We hebben al grote hoeveelheden woningen verduurzaamd in Noord-Nederland. Gedurende het eerste stookseizoen hebben we bewoners uitleg gegeven hoe de luchtwarmtepompen werken en hoe ze ermee om moeten gaan.” Dit voorkomt teleurstellingen.

Gezondheid bewoners

Van Ginkel pleit ervoor om al voor de renovatie slimme apparatuur in woningen te plaatsen. “Mensen zijn zich vaak niet bewust van de ongezonde en oncomfortabele situatie waar ze in leven. Door de situatie in de woningen voor de bewoners beter inzichtelijk te maken, kun je ook beter uitleggen wat er staat te gebeuren en wat ze ermee op schieten.” Volgens Van Ginkel moeten mensen wennen aan de gezondere situatie. Als voorbeeld noemt hij de gastransitie in de jaren zestig. “Mensen hingen waterbakjes aan de radiotoren, omdat ze het binnen te droog vonden. Terwijl een droge binnenlucht juist beter is voor je gezondheid, maar je moet er wel aan wennen. Veel oudere mensen hechten nu aan de radiator vanwege de stralingswarmte. Hoewel dit allemaal gevoelsmatige zaken zijn, moet je er toch iets mee.”

Installateur als regisseur?

“Ik hoor vaker dat de installateur de regisseur is voor de aardgasloze transitie. Dat vind ik geen handige uitspraak want bouwers en installateurs moeten het gezamenlijk doen. Alleen dan is het mogelijk om goede prefab-modules te maken voor de bouw. De verschillende partijen ontwikkelen nog altijd geen innovatieve prefab-producten. Partijen werken nog te versnipperd, terwijl ze grensoverschrijdend en samen bezig zouden moeten zijn. Als we met zijn allen iets willen, kunnen we ook aantallen afspreken en zijn internationale leveranciers ook eerder geneigd mee te werken aan de oplossingen die hier het beste werken.”

Ik hoor steeds dat de installateur de regisseur is voor de aardgasloze transitie; dat vind ik geen handige uitspraak

Verduurzaming als service

Net als veel andere bedrijven heeft Van Wijnen moeite om aan vakmensen te komen. Het bedrijf probeert dit volgens Van Ginkel op te lossen door vakmensen te laten doen waar ze goed in zijn en voor de randzaken andere mensen te zoeken. “We zoeken ook andere mensen dan alleen keiharde techneuten. We zien verduurzaming als service en dan moet je met de bewoners in overleg. Daar heb je eerder iemand met coachende vaardigheden voor nodig. Zo verleggen we de focus van puur techniek naar integratie met het sociale stuk. We nemen dus andere mensen aan, maar werken ook samen met andere partijen om dit vorm te geven. Zo kun je de productie op peil houden.”

Gerelateerde visie-artikelen over de energietransitie en verduurzaming van de gebouwde omgeving:

Reageer op dit artikel