artikel

“Honderd zonnepanelen op mijn dak, ben ik dan goed bezig?” 

klimaattechniek

Er moet flink worden opgeschaald. Anders halen we die 1,5 miljoen aardgasvrije woningen in 2030 niet. Laat staan 7,5 miljoen bestaande woningen in 2050, zo stelt een nuchtere Haico van Nunen, lector Duurzame Renovatie. “We moeten nu echt stappen gaan maken.”  

“Honderd zonnepanelen op mijn dak, ben ik dan goed bezig?” 

“De echte uitdaging zit in de 7,5 miljoen woningen die we al hebben. Wat gaan we daarmee doen? Als we 95% CO2-reductie willen in 2050, moeten we echt stappen gaan maken.” De uitdaging die Haico van Nunen, adviseur bij BouwhulpGroep en lector Duurzame Renovatie aan de Hogeschool Rotterdam schetst, is enorm en staat volgens hem ver van de huidige praktijk. “Mensen zijn wel bereid tot kleine stappen zoals spouwmuurisolatie, dubbel glas of zonnepanelen, maar dat is niet genoeg om CO2-neutraal te zijn. Terwijl ze denken dat ze daarmee al genoeg hebben gedaan.” 

 

Zonnepanelen en hoogtemperatuurverwarming  

Hoewel CO2-neutraliteit het uiteindelijke doel is, is het belangrijk om weloverwogen stappen te nemen, legt Van Nunen uit. “Als ik niets aan mijn woning doe, maar wel honderd zonnepanelen op mijn erf plaats en een hoogtemperatuurwarmtepomp installeer, ben ik dan goed bezig? Ik denk van niet, maar het is wel CO2-neutraal.” Zet daar tegenover het volledig isoleren van een woning waardoor de warmtevraag minimaal wordt.   

Er is niet één oplossing voor alle woningen in Nederland

Isolatie en ruimte inleveren  

Maar ook deze wijze van isoleren heeft beperkingen, zo meent hij. “Als je nu 1.500 m3 gas verbruikt, kun je door flink te isoleren misschien 30 tot 40% besparen. Maar dat betekent wel dat je binnen of buiten een isolatiepakket van 15 centimeter voor en achter de woning moet plaatsen. Zeker als je dat aan de binnenkant wilt doen, zitten de meeste mensen daar niet op te wachten omdat ze ruimte in moeten leveren en het huis op de schop moet. Daarbij komt dan nog dat je de gevel niet altijd aan wilt tasten, waardoor een schilrenovatie aan de buitenzijde niet mogelijk is.”  

 

Bouwkundig of installatietechnisch?  

Dit evenwicht met aan de ene kant heel veel bouwkundige maatregelen en aan de andere kant vooral installatietechnische maatregelen is precair. Het zoeken naar een optimum aan maatregelen voor de bestaande gebouwde omgeving blijft onderbelicht, vindt hij. “Je ziet woningcorporaties op dit moment echt zoeken naar het juiste evenwicht. Dus wat passen ze bouwkundig aan?  En wat kunnen ze dan met techniek nog opvangen? Dit doen ze om hun investering zo veel mogelijk te optimaliseren. Corporaties kunnen niet alle woningen nul-op-de-meter maken, daar hebben ze geen geld voor. Dus richten ze zich op hun ambitie en kijken wat ze met de beschikbare middelen wel kunnen waarmaken.”  

Een woning aanpakken kost al snel 30 tot 40 duizend euro

Nieuwe cv-ketel  

Van Nunen studeerde in 1999 af aan de faculteit Bouwkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven en is sinds die tijd adviseur bij de BouwhulpGroep. In 2010 promoveerde hij met het proefschrift ‘Assessment of sustainability of flexible building’. Sinds 2016 is Van Nunen, naast zijn werk bij de Bouwhulpgroep, lector Duurzame Renovatie aan de Hogeschool Rotterdam. Zijn eigen huis staat in Eindhoven, waar hij met zijn gezin een jaren 30-woning bewoont. “We hebben flink wat gedaan zoals dakisolatie en dubbelglas. Maar de vloer ligt op zand, dus meer vloerisolatie is niet mogelijk en we hebben geen spouwmuur, dus dat valt ook af. We hebben vijf jaar geleden een nieuwe cv-ketel geplaatst. Toen waren de alternatieven nog niet betaalbaar genoeg. Als ik nu had kunnen beslissen, had ik een hybride warmtepomp genomen of een luchtwarmtepomp. We hebben al gedeeltelijk vloerverwarming en de woning is verder goed geïsoleerd, dus het had wel gekund.”  

Goede warmtepompen-installateur lastig

Hoewel hij nu dus een warmtepomp zou overwegen, erkent hij dat het lastig is om een goede installateur te vinden. “Het is nog steeds moeilijk om iemand te vinden die een warmtepomp kan en wil plaatsen. Installateurs vinden het vaak nog ingewikkeld en in de dezelfde tijd kunnen ze drie cv-ketels ophangen. Hierdoor komen we in een cirkel terecht. Er is amper vraag dus loont het niet om aanbod te ontwikkelen. Maar door het gebrek aan aanbod kunnen mensen zich niet oriënteren. En de mensen die wel willen, kunnen niemand vinden.” De vraag is volgens Van Nunen of particulieren zich überhaupt wel willen verdiepen in deze technieken. “Een particulier wil zo’n zoektocht niet, maar wil gewoon weten wat kan en wat niet. Je bent toch ook geen monteur als je een auto koopt, dus waarom zou je een expert moeten zijn als je je huis verduurzaamt?” 

Opschaling is nodig, anders lukt het niet om 150.000 woningen per jaar te renoveren

Monitoring en bewustwording  

Bewustwording bij de consument is erg belangrijk, vindt Van Nunen. “Iedereen die dit leest, moet iets aan zijn woning doen of het nu om een nieuwbouwwoning gaat of een woning uit 1935. Als iedereen weet dat dit ook voor hem geldt, kan de markt daar ook op inspelen.” Om meer bewustzijn te creëren kan monitoring volgens Van Nunen een goed instrument zijn. “We zijn net gestart met een proef. We plaatsen tijdelijk kastjes bij mensen die dat graag willen. Daarmee meten we van alles, zoals temperatuur, luchtvochtigheid, CO2-gehalte. Ze zijn makkelijk te installeren. Door de plaatsing krijgen wij beter inzicht over de woning en weten we beter hoe we die kunnen aanpakken. Maar het werkt ook andersom, mensen worden zich bewuster van binnenluchtkwaliteit bijvoorbeeld. Als je een kaarsje opsteekt, zul je een duidelijke piek zien in het CO2-gehalte.”  

 

Gemeenten of de markt  

De gemeenten hebben volgens het Klimaatakkoord een belangrijke taak op het gebied van bewustwording, maar willen die graag bij de markt leggen, vertelt Van Nunen. “Hier ligt echt nog een gat, want bewustwording krijg je niet voor elkaar met een foldertje. Iedereen moet beseffen dat er dingen moeten veranderen in alle woningen. Het probleem is dat er voor particulieren geen noodzaak is de eigen woning aan te pakken.” Als hij de ambities uit het Klimaatakkoord voor 2030 ziet, is Van Nunen niet hoopvol. “We moeten in 2030 al de helft minder CO2 uitstoten dan in 1990. Ik ben bang dat we dat niet gaan halen. We doen niet genoeg en we hebben nog maar tien jaar. Als we aan de doelen willen voldoen, moeten we minsten 2% CO2 per jaar reduceren, terwijl het energiegebruik nu nog niet terugloopt.”  

Bewustwording krijg je niet voor elkaar met een foldertje

Financiering van verduurzaming  

Ook de doelstelling van 1,5 miljoen aardgasvrije woningen in 2030 is volgens Van Nunen te optimistisch. “We verduurzamen nu met moeite 1.000 woningen per jaar op echt hoog niveau. Opschaling is nodig, anders lukt het niet om 150.000 woningen per jaar te renoveren. De bouwprocessen moeten efficiënter worden. Maar de markt komt niet met oplossingen en we hebben geen vakmensen om het uit te voeren.” Daarnaast is er volgens Van Nunen ook een probleem met de financiering van verduurzaming. “Een woning aanpakken kost al snel 30 tot 40 duizend euro. Banken doen nu mondjesmaat aan duurzame financieringen, maar alleen tot 25 duizend euro. Veel mensen hebben het geld niet op de bank staan, maar je moet de aannemer of installateur wel nu betalen.”   

 

Niet één oplossing  

Volgens Van Nunen is er niet één onderscheidende techniek voor de bestaande woningvoorraad. “Elke stad zal een mix van verschillende technieken kennen. Je moet per situatie op zoek naar de meest efficiënte en betrouwbare oplossing. Warmtenetten zijn vooral interessant in gebieden waar ze al liggen zoals Rotterdam en andere steden in de randstad. Op plekken waar nu nog geen warmtenetten zijn en waar veel laagbouw is, ligt een oplossing met zonnepanelen en warmtepompen meer voor de hand. Waterstof kan een goede oplossing zijn, bijvoorbeeld in binnenstedelijk gebied. Daarnaast zijn er nog allerlei collectieve oplossingen mogelijk, zoals een grote warmtepomp, een biomassacentrale of geothermie. Er is dus niet één oplossing voor alle woningen in Nederland. En ieder infrastructuur stelt andere ondergrenzen aan de kwaliteit van een woning.”   

 

Gerelateerde visie-artikelen over de energietransitie en verduurzaming van de gebouwde omgeving:

Reageer op dit artikel