artikel

Kantoor DNV GL van label F naar A

Installatiebranche

Het voormalige hoofdkantoor van Tennet op het Energy Business Park in Arnhem is dit jaar flink onder handen genomen. Nieuwe eigenaar PingProperties heeft in samenspraak met de nieuwe huurder,  DNV GL, het kantorencomplex sterk verbeterd en verduurzaamd tot BREEAM in use Excellent. Dat vergde bij Kropman Intallatietechniek de nodige creativiteit, vooral bij het plaatsen van de nieuwe ventilatiekanalen waar veel minder ruimte voor is dan bij nieuwbouw.

Kantoor DNV GL van label F naar A

 

Tekst Harmen Weijer

 

Vlak voor de economische crisis wilde DNV GL – toen nog KEMA – op het Energy Business Park een nieuw hoofdkantoor laten bouwen. Maar omdat de medeontwikkelaar van het kantoor en tevens eigenaar van het Energy Business Park in 2012 failliet verklaard werd, ging DNV GL als nieuwe eigenaar van KEMA  op zoek naar een ander, bestaand pand. “Want één ding was wel duidelijk: wij konden niet langer blijven in onze zeer verouderde en verspreide gebouwen”, vertelt Ivo van Voorst van Beest, manager Real Estate, Facilities & Procurement van DNV GL. “Tennet ging net weg uit haar hoofdkantoor, en dat gaf nieuwe kansen in een veranderende markt.”

PingProperties, tevens eigenaar van het nieuwe hoofdkantoor van Tennet, heeft begin dit jaar het complex, B50 geheten, gekocht waarbij DNV GL aangaf het pand meerjarig te willen huren. Van Voorst van Beest: “Eigenlijk paste dit ons dat beter, want we wilden vanaf het begin een heel duurzaam hoofdkantoor. En dan is renovatie eigenlijk veel duurzamer dan nieuwbouw. Verder paste het gebouwencomplex van bijna 10.000 m2 bij onze vraag. De kwaliteit van het gebouw was echter niet voldoende.”

 

Van F naar A

Om de vier verschillende gebouwen, waarvan het oudste deel uit 1964 stamt,  weer energetisch en klimaattechnisch volgens de huidige normen te krijgen  vergde behoorlijk veel aanpassingen. “Het pand kende een energielabel F en wij wilden graag dat dit naar A zou worden gebracht”, aldus Van Voorst van Beest.

Een flinke slag is gemaakt met de aanleg van warmte-koudeopslag. “Er zijn twee bronnen – warm en koud – van elk 350 kW gerealiseerd”, vertelt Nico Remers van Kropman Installatietechniek, die verantwoordelijk was voor het installatieadvies en de uitvoering. “Deze installatie is door Haitjema gedaan, onder begeleiding van IF Technology. Bijzonder hierbij was dat we te maken hadden met eisen die voor deze omgeving heel specifiek zijn, namelijk bommenonderzoek. In de Tweede Wereldoorlog is hier in verband met Market Garden veel gebombardeerd. Er is ook in ons bouwgebied veel gevonden.”

In het pand had Kropman te maken met veel bestaande installaties en ventilatiekanalen. “In het kader van duurzaamheid hebben we gekeken of we zo veel mogelijk konden hergebruiken. Voor wat betreft de luchtbehandelingskasten hebben we alleen in gebouw Noord de bestaande kasten gebruikt, waarbij we wel de koel- en verwarmingsbatterijen hebben vervangen. In de drie andere gebouwen hebben we nieuwe luchtbehandelingskasten met warmtewielen geplaatst.”

Ook de drie bestaande koelmachines van Carrier, die in het souterrain van gebouw Oost staan, worden opnieuw gebruikt. “We hebben ze omgebouwd tot warmtepompen, zodat we daar met veel minder energie toch voor voldoende koeling kunnen zorgen. Aanvankelijk was het de bedoeling om één van de koelmachines weg te halen, maar we gebruiken ze nu vooral als back up, als de wko-installatie niet voldoende kan trekken.”

Dat komt vooral goed uit in het aanstaande eerste jaar, waarin de wko-installatie gaat draaien en ingeregeld moet worden, zo verduidelijkt Koen Borst, technisch manager van PingProperties. “We hebben nu in dit complex een wko-installatie; die was er eerder niet. We hebben wel een jaar nodig voor indraaien, vandaar de overdimensionering.”

 

Puzzelen met kanalen

Het gebouw is van binnen geheel gestript en opnieuw ingedeeld, naar de wensen van de nieuwe gebruiker DNV GL. Remers: “Dat zorgde ervoor dat elke afgesloten ruimte van een individuele regeling is voorzien, voor zowel klimaat als licht, uiteraard op basis van CO- en aanwezigheidsdetectie.”

Voor de luchttoevoer en -afzuiging was het vanwege het bestaande pand wel puzzelen geblazen, vooral als het gaat om de aftakkingen naar de verschillende kantoorruimtes. Remers: “Voor de hoofdafvoer konden we gebruik maken van bestaande kanalen. Maar wij stuitten op veel meer stramien-betonbalken in het plafond dan aanvankelijk op bestaande tekeningen bekend was. Dat zagen we dus toen het geheel gestript was. Daardoor waren luchtkanalen die we in het ontwerp hadden geprojecteerd, niet meer te realiseren, want je kunt niet zomaar allerlei sparingen in stramienbalken maken.”

Een en ander is opgelost door met overstroom te werken. “We voeren lucht toe via roosters en zuigen af via armaturen en via overstroom gaat de lucht naar de gang toe. Daar konden we nog wel de posities van de centrale afzuigkanalen aanpassen.”

Het was ook puzzelen waar de verschillende technische ruimten in de vier gebouwen konden worden gerealiseerd. “Elk gebouw kende al zijn eigen technische ruimte; die hebben we zo goed als mogelijk hergebruikt”, vertelt Remers. “Dat was nog wel passen en meten, want de huidige luchtbehandelingskasten maken gebruik van minder druk en zijn daardoor groter. En de warmtewielen voor terugwinning vragen ook meer ruimte in deze kasten.”

In gebouw Oost is het dan ook niet geheel gelukt om in het bestaande pand te blijven. “We hebben op dit gebouw een nieuwe technische ruimte op het dak gerealiseerd. In gebouw Oost is het lab gevestigd en dat vraagt een meer specialistische luchtbehandeling. Dat paste niet meer in de oorspronkelijke ruimte. Die ruimte gebruiken we nu voor componenten ten behoeve van de wko, zoals de tegenstroomapparaten en de warmtewisselaars.”

 

Speciale voet

 

Daardoor is wel een stukje van het dakoppervlak gesnoept ten nadele van de zon-pv installatie. Want om het gebouw definitief naar energielabel A te tillen is een flinke pv-installatie gerealiseerd op het dak. Het gaat om 540 zonnepanelen met een piekvermogen van 132 kW. “Er is voor vrijwel het gehele dak gekozen voor een zogeheten dakpanopstelling, zodat we optimaal gebruik kunnen maken het dakoppervlak”, aldus Koen Borst van PingProperties. “Die paneelopstellingen zijn ook nog eens op een bijzondere manier bevestigd aan het dak. Het was namelijk niet bekend in hoeverre de bewapening van het dak de zware opstelling van zonnepanelen zou aankunnen. Hier is dan ook gekozen voor een soort voet die wordt vastgebrand in nieuw aangelegde stroken bitumen op het dak”, aldus Borst.

 

 

XL Installatiefeiten

 

Bouwteam

 

Belangrijkste componenten

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels