artikel

Energieleverend kantoor is helemaal van hout

Installatiebranche

Op een klein stukje polder bij Hendrik Ido Ambacht, ingeklemd tussen de stad en de A15, heeft rijplaat- en draglineschotspecialist Plaisier een nieuw hoofdkantoor geopend. Bijzonder aan het pand is dat het geheel houten kantoor energieleverend is. Omdat het een compact pand is geworden, was het voor Boersema Installatie Adviseurs flink puzzelen om een en ander goed uit te leggen.

Energieleverend kantoor is helemaal van hout

 

Tekst Harmen Weijer

 

Al enkele tientallen jaren is Plaisier gevestigd aan de rand van Hendrik Ido Ambacht. De bedrijfsvoering van Plaisier is gericht op duurzaamheid. Ook als toeleverancier in de bouw is een hoge notering op de CO-prestatieladder van belang. Omdat het kantoor van Plaisier aan vernieuwing toe was, heeft het bedrijf aan architectenbureau Moen & Van Oosten opdracht gegeven voor het bouwen van een nieuw en zo duurzaam mogelijk kantoor.

Samen met Boersema Installatie Adviseurs, waarmee Moen & Van Oosten vaker nauw samenwerkt, is direct een ontwerpteam opgezet. “Wij zijn eigenlijk begonnen met een leeg vel,” vertelt architect Henk Moen. “Van daaruit hebben we samen het kantoor ontworpen, ieder met zijn eigen kennis en creativiteit. Dat zorgt voor een hele nauwe betrokkenheid en korte lijnen in het werkproces.”

Voor de nieuwe locatie hoeft men niet ver te reizen, want die is direct gelegen naast het tot dan toe gebruikte kantoor en opslagplaats. “We wilden al meer ruimte voor de opslag van rijplaten en draglines en we wilden graag op deze locatie blijven. Daarom hebben we voor de ruimte naast onze huidige panden gekozen”, vertelt directeur Art Bot van Plaisier.

 

Minipolder

De locatie heeft wel flinke gevolgen voor het pand, zowel bouwkundig als installatietechnisch. Het kantoor staat namelijk in de Crezeepolder, een minipolder met een eigen waterhuishouding, legt Henk Moen uit. “Er ligt een kleine vijver, die van belang is als retentieopvang van regenwater. Plaisier wilde voldoende opslagruimte behouden voor de buitenopslag van zijn producten. Daarom hebben we het nieuwe kantoor zwevend boven het water gemaakt.” Dat heeft directe consequenties voor het leidingentracé. “Dat konden we dus niet kwijt in de grond en dus hebben we dat zwevend onder het pand weggewerkt, ook zodanig dat je dat van buiten niet kunt zien.”

Het had in de bouw nog wel flink wat voeten in de aarde om dit goed voor elkaar te krijgen, vertelt Joris Huikeshoven van Boersema Installatie Adviseurs uit Amersfoort. “Het is niet een kruipruimte zoals we die meestal gewend zijn. De leidingen zijn wel gebundeld, maar voor zowel de aannemer als voor ons als installateur is het een bijzondere oplossing.”

Deze locatie had ook gevolgen voor de warmtevoorziening, want er is geen gasaansluiting. “Nu kun je die wel aanleggen, maar die zou te kostbaar worden”, vertelt Huikeshoven. “Omdat deze locatie tevens een waterwingebied is, kon er ook geen warmte-koudeopslag gerealiseerd worden, zelfs niet met een gesloten bron. Daarom hebben we gekozen voor een Carrier luchtwarmtepomp met een vermogen van 26 kW koeling. Omdat het pand twee hellende daken kent, is de luchtwarmtepomp net naast het pand geplaatst, in het fietsenhok.” De watervoerende leidingen naar de warmtepomp hangen ook onder het gebouw en zijn net als de tapwatertoevoer en de vuilwaterafvoer zwaar geïsoleerd en voorzien van tracing.

Bovendien is er geen rioleringaansluiting in deze minipolder; daarvoor werd al een septic tank gebruikt. “Ook nu hebben we daarvoor gekozen. Vanwege de vraag voor een heel duurzaam kantoorpand, zou het mooi zijn om een helofytenfilter te kunnen realiseren. Maar omdat het een waterwingebied is, was dat niet mogelijk.”

 

Zonnepanelen en mossedum

Om het pand energieneutraal en zelfs energieleverend te maken, is een hele trits aan duurzame maatregelen uit de kast getrokken. “Allereerst is volledig op het zuiden gebouwd en is de noordgevel stevig geïsoleerd; de RC-waarde op deze gevel is 6”, vertelt Moen. “Dankzij overstekken is er minder directe lichtinval en uitvalschermen houden warmte op zonnige dagen buiten.” Het pand heeft twee schuine daken, waarbij het hoge dak in een ideale hoek voor zonnepanelen is gebouwd. Moen: “Dat ligt dan ook geheel vol met 80 pv-panelen, goed voor ruim 20 kWp opgesteld vermogen.”

Het lagere dak is vol gelegd met mossedum, met meerdere functies, vertelt Moen. “Mossedum bindt fijnstof, en dat is geen overbodige luxe, met de A15 naast het gebouw, maar ook omdat bij Plaisier gewerkt wordt met vrachtauto’s op onverharde wegen. Het levert vooral een positieve bijdrage aan het binnenklimaat: mossedum is vochtig en zorgt daardoor voor verkoeling binnen. Dat is belangrijk omdat we gekozen hebben voor een lichtgewicht dakconstructie met stalen cannelureplaten. Deze platen worden – als je daar niets aan doet op het dak – op zonnige dagen flinke stralingselementen”, aldus Moen.

De platen zijn binnen op zowel de benedenverdieping in het kantoorgedeelte als op de bovenverdieping niet afgewerkt en in het zicht gebleven. Ook heeft architect Moen specifiek gekozen om de ventilatieunits te kunnen blijven zien. “We hebben de toevoerventilatie in het kantoorgedeelte op de benedenverdieping verdeeld over vier roosters” vertelt Huikeshoven van Boersema. “Daarbij gaan we met luchtkanalen met een diameter van 200 mm door de hoofddraagbalken heen en er tussendoor, en dat is best bijzonder. Er is geen ruimte tussen het verlaagd plafond en de draagbalken. We hebben dat met architect Moen ook voordat het bestek klaar was, tot op detail uitgetekend. In die voorbereidingsperiode is nog een aanpassing van het balkenconcept gedaan, omdat wij anders niet goed uitkwamen met het ventilatiekanalentracé”.

Vanuit de compacte technische ruimte, die op de bovenverdieping is gemaakt, wordt de centrale ventilatie geregeld van deze units. Huikeshoven: “Daar wordt hij ook verdeeld, want vanwege onvoldoende ruimte tussen de balken in de onderverdieping was het splitsen daar niet mogelijk. Om die reden bevinden zich ook alle regelkleppen voor de begane grond op de verdieping.” Via de luchtbehandelingskasten met warmtewielen worden de lucht aan de noordgevel naar buiten afgevoerd.

 

Weinig ruimte voor vloerverwarming

Zoveel ruimte als Boersema binnen kon pakken voor de ventilatieunits, zo weinig plek was er voor de vloerverwarming, althans op de bovenverdieping. “Dat was echt een flinke uitdaging”, vertelt Huikeshoven. “Dat komt omdat op de bovenste verdieping een lichtgewicht vloer is geplaatst. En dat wilden we graag zo houden. Daarin zijn tempex platen opgenomen, waarin de leidingen liggen in stalen omega-profielen, afgedekt met een warmtegeleidende folie. Daar bovenop liggen dubbele Estrich vloerelementen. Een zogeheten droog vloerverwarmingssysteem.”

Voor Boersema leverde deze oplossing de nodige hoofdbrekens op, vertelt Huikeshoven. “Het was voor het eerst dat we met een dergelijk droog systeem hebben gewerkt. Het grootste verschil met beneden is dat we hiermee vast zitten aan een vast stramien van leidingen in de isolatieplaten met een leidingdikte van 16 mm. Dat heeft gevolgen voor de warmteafgifte en koudeafgifte. Beneden konden we in een gestorte zandcementvloer dikkere leidingen van 20 mm kwijt. Dikkere leidingen zijn vooral ook gunstig voor de benodigde pompenergie. Daarom hebben we de leidingen op de eerste verdieping korter gehouden. Beneden kunnen we met de vloer 30W/m koeling realiseren, terwijl we boven niet verder komen dan 19 W/m. Dat is voor de koeling net aan voldoende, voor verwarming kwamen we op de verdieping net te kort. Daarom hebben we hier een aanvullende ventilatorconvector toegevoegd in beide grote ruimten. Deze is dusdanig geplaatst dat er ten opzichte van het oorspronkelijk ontwerp niks van is te zien.”

Vanwege het open karakter van het kantoorpand was het belangrijk dat de ventilatie op een zo laag mogelijk geluidsniveau zou worden gebracht. Huikeshoven: “Dat vinden wij ook heel belangrijk. We hebben gekozen om te werken met lage luchtsnelheden: de hoofdkanalen met maximaal 3,5 m/s, alle toevoerrooster-aansluitkanalen met 2,2 m/s. De luchtbehandelingskast functioneert met een externe druk van 114 Pa. Dat heeft ook nog eens energiezuinige voordelen. Binnen hoor je daarom niets van de afzuiging; buiten wordt het via een lange pijp aan de noordgevel afgevoerd. Warmteterugwinning vindt plaats middels een sorptiewarmtewiel.”

De vele duurzame maatregelen hebben geleid tot een energieleverend kantoorpand, met een epc van -0,08. Dankzij de schuine daken en de bijzondere houten binnenafwerking is het gelukt om, zoals architect Henk Moen het noemt, van dit kantoor een heus ‘clubhuis van het bedrijf’ van te maken.

 

 

XL Installatiefeiten

 

Belangrijkste componenten

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels