artikel

Opinie: Bereiding warm tapwater verdient veel meer aandacht

Installatiebranche

Op 30 september heeft de TVVL Expertgroep Sanitaire Techniek zijn jaarlijkse Innovatiegroepbijeenkomst gehouden. Irene van Veelen (ISSO) en Andreas Moerman (KWR Watercycle Research Institute) hebben een verhandeling gehouden over de efficiëntie van warmtapwater in woningen, waarbij de verschillen zijn weergegeven tussen het berekende energiegebruik conform de NEN7120 (EPC) en het werkelijke energiegebruik op basis van het simulatiemodel SIMDEUM.

Opinie: Bereiding warm tapwater verdient veel meer aandacht

 

Van Veelen schetste in het kort hoe het gangbare ontwerpproces van een nieuwbouwwoning verloopt, om te toetsen of dit overeenkomt met de mening van de aanwezigen in de zaal. Dit was in hoge mate het geval: de projectontwikkelaar en architect bereiden het ontwerp voor tot op het niveau van een verkooptekening. Vervolgens worden de nodige berekeningen gemaakt voor de bouwvergunning, waaronder de EPC.

EPC-berekening

“De EPC-berekening wordt meestal niet gemaakt door een installatieadviseur of installateur. De bouwkundige eigenschappen van de woning zoals de Rc-waarden zijn bepalend, waarna vervolgens de installaties worden gekozen om het ‘gat’ op te vullen. Producten met goede kwaliteitsverklaringen scoren hoog en worden veelvuldig toegepast. Gevolg van het ontwerpen op de EPC-uitkomst is dat deze bouwkundig geschoolde ontwerper zich er veelal niet van bewust is welke installaties hij uiteindelijk gekozen heeft, en hoe deze door de bewoner worden gewaardeerd ten aanzien van comfort en gezondheid, gebruiksgemak, onderhoud en energiegebruik”, aldus Van Veelen.

De afgelopen jaren is er een sterke opmars gaande van zeer energiezuinige nieuwbouw, vooruitlopend op de aanscherping van de EPC-eisen die ingaan in 2020 en inmiddels bekend zijn onder de naam BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen). Het energiegebruik voor warmtapwater maakte in het verre verleden 10% van het totale gebouwgebonden energiegebruik uit, inmiddels is dit voor een huidige nieuwbouwwoning gestegen tot 25% en dat stijgt bij BENG door tot 33% en meer.

NEN7120 geen ontwerphulpmiddel

Van Veelen: “Het lijkt een open deur voor iedereen: NEN7120 is niet geschikt om er een woninginstallatie mee te ontwerpen, het is een toetsinstrument. En om te kunnen toetsen zijn genormeerde regels nodig zodat je appels met appels kunt vergelijken. Voor warmtapwater wordt het gebruik ervan in woningen bepaald met een formule die afhankelijk is van het gebruiksoppervlak. Er wordt geen rekening gehouden met de werkelijke samenstelling van huishoudens, die varieert van 1 persoon tot 6 personen (grote gezinnen) of meer. En ook wordt geen rekening gehouden met verschillen in gedrag zoals bijvoorbeeld douchefrequentie en -duur. Logisch is dan dat de uitkomst niet overeenkomt met het werkelijke energiegebruik. Maar dat is ook niet nodig, want om woningen te kunnen vergelijken op energieprestatie is het juist behulpzaam uit te gaan van genormeerde verbruiken. Het is daarom een raadsel waarom in de woningbouwsector de EPC zo breed omarmd is als ontwerphulpmiddel.”

SIMDEUM-HW-model

KWR heeft in 2015 een onderzoek gedaan naar de efficiëntie van warmtapwaterbereiding. Hierbij is het stochastisch rekenmodel SIMDEUM® gecombineerd met rendementen volgens de NEN7120 tot SIMDEUM-HW (Hot Water). Met SIMDEUM kunnen tapprofielen worden gesimuleerd en worden verfijnd op bewonersaantallen en -kenmerken, zoals leeftijd en geslacht. SIMDEUM maakt daarbij gebruik van statistische gegevens. Het resultaat SIMDEUM-HW is een model dat installateurs en consumenten meer inzicht kan geven in het werkelijk te verwachten energiegebruik. Het stelt installateurs in staat om zelf een onderbouwde keuze te maken voor het type warmtapwaterbereider, en tevens om het effect van energiebesparende maatregelen op het energiegebruik te voorspellen. De context waarin energiebesparende maatregelen, zoals een douche WTW, worden toegepast speelt een rol in de mate waarin deze maatregelen effect hebben.

Verschillen groot

Tijdens de verhandeling voor de TVVL Innovatiegroep Sanitaire Technieken presenteerde Moerman een vergelijking van de warmtapwatervraag zoals berekend conform NEN7120 en met SIMDEUM voor vier verschillende situaties. Waar NEN7120 uitkomt op een vaste waarde laat SIMDEUM een spreiding zien van het 10-90 percentiel, dat wil zeggen de spreiding tussen zuinige en onzuinige gebruikers, de 10% laagste en 10% hoogste verbruikers weggelaten. Ook laat SIMDEUM het verschil zien tussen het aantal en type (leeftijd) van de bewoner. Ook al waren deze uitkomsten te verwachten, het verbaasde menig aanwezige toch dat de spreiding in werkelijkheid zo groot is.

Het SIMDEUM-HW rekenmodel maakt verder gebruik van de opwekrendementen conform de NEN7120, wat betekent dat het primaire energiegebruik in beide berekeningen op gelijke waarde zou uitkomen bij gelijke invoer (vraag). Moerman: ‘In de vergelijking valt op dat de bepaling met NEN7120 overal binnen het 10-90 percentiel ligt berekend met SIMDEUM, maar tegelijkertijd valt ook op dat er wel een factor 2 verschil in kan zitten. Wanneer we in ogenschouw nemen dat warmtapwater wel 33% of meer van het primaire energiegebruik van een moderne woning uitmaakt, is een factor 2 van grote invloed en verdient veel meer aandacht dan het tot nu toe krijgt.’

Meer lezen

In TVVL Magazine van december 2016 publiceren Irene van Veelen en Andreas Moerman een uitgebreid artikel met meer informatie over dit onderwerp. Daarbij komen verder aan de orde de gevoeligheid van het ontwerp, het vooraf bepalen van de robuustheid van het systeem, opties voor verdere ontwikkeling, en de koppeling van NEN7120 software met SIMDEUM.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels